Geanimeerde discussies over geopolymeerbeton tijdens Beton Café
Dinsdag 10 maart organiseerde Betonvereniging samen met TNO in Delft een goed bezocht Beton Café rondom constructieve toepassingen van geopolymeerbeton. Om de toepassing van nieuwe materialen in het algemeen en geopolymeren in het bijzonder in al zijn toepassingen te kunnen testen, zijn verschillende proeftuinen ingericht. De proeftuin op de Afsluitdijk is inmiddels een kleine drie jaar oud en heeft al belangwekkende resultaten opgeleverd.
Waar sommigen menen dat de regelgeving een belemmering is voor innovaties, stelde Sonja Fennis van Rijkswaterstaat dat het gelijkwaardigheidsprincipe dat in de Europese norm EN 1990 is opgenomen, juist meer dan voldoende experimenteerruimte biedt. De grote uitdaging bij geopolymeren is de grote variatie in samenstelling. Daardoor zullen opdrachtnemers telkens een grote hoeveelheid onderzoeken moeten uitvoeren waarmee de gelijkwaardigheid kan worden aangetoond. Geopolymeerbeton vertoont dikwijls ander constructief gedrag dan cementbeton, ook over de tijd genomen. Met name bij infrastructurele werken, waar ook de constructieve veiligheid een belangrijk ontwerpuitgangspunt is, speelt dat een cruciale rol.
Het volgende programmaonderdeel, de toepassing van het nieuwe bindmiddel INVIE in een kanaalplaat, was ‘right on spot’. Enkele weken geleden is namelijk de eerste kanaalplaat met het definitieve mengsel gestort en binnenkort wordt de publiciteit naar de bouwpers gezocht. Na een korte inleiding door bindmiddelontwikkelaar Anja Buchwald (Ascem) en gebruiker Wim Jansze (Consolis VBI), leidde gastvrouw Siska Valcke van TNO de vele publieksvragen aan het tweetal in goede banen. Het sterke punt van INVIE zijn de verschillende industriële afvalstromen waarvan gebruik wordt gemaakt. Door de toepassing in een voorgespannen kanaalplaat, met expositieklasse XC1 en consequentieklasse 1, ligt de lat hoog genoeg om een levensduur van 50 jaar te kunnen garanderen. Opschalen wordt volgens Anja Buchwald de volgende uitdaging voor Ascem, want daarvoor is een forse financiële injectie nodig. Verder voorspelde zij dat we met geopolymeren hooguit 10% van het betonvolume kunnen vervaardigen.
Jelle Bezemer, promovendus aan de TU Delft, vertelde vervolgens over de vele onderzoeken die binnen de sectie Betonconstructies worden verricht naar het lange-termijngedrag van geopolymeerbeton in constructieve toepassingen. Belangrijke aantastingsmechanismen als carbonatatie, uitdroging, krimp, kruip en constructieve aspecten als dwarskrachtcapaciteit en doorbuiging zijn onderzocht op verschillende mengsels. Niet altijd zijn de uitkomsten positief, wat de discussies met het publiek af en toe op scherp zette. Verschillende aanwezige leveranciers van specifieke geopolymeermengsels herkenden zich niet in de uitkomsten. Duidelijk is in elk geval dat een 1 op 1 vergelijking met cementbeton niet altijd juist is, maar dat per toepassing moet worden gekeken welk materiaal het beste is.
Het informatieve deel van het Beton Café werd afgesloten met een rondleiding door het laboratorium van TNO. Projectleider Adri Vervuurt gaf hier een toelichting op de diverse opstellingen binnen het project GeoMon. Een mooie afsluiting van een middag met waardevolle kennisoverdracht.
‘Verder met Beton’ is de laatste module van de online Basiskennis Beton Algemeen en het vervolg op 'Begin met Beton'.
This English online course offers you the first essential knowledge about concrete as a building material.
Stap vandaag nog binnen in de wereld van beton met deze online basiscursus.